
Henk Wessel neemt afscheid na 27 jaar wethouderschap in Elburg: ‘Beseffen dat we elkaar nodig hebben’
12 april 2025 om 06:00 PolitiekHet is belangrijker dan ooit dat wij weer naar elkaar omzien. Zeker nu de overheid zich, soms gedwongen door financiën, zich terugtrekt uit het sociale domein. Men moet beseffen elkaar nodig te hebben. Door soms een klusje in de tuin te doen voor een buurman die dat niet meer kan. Of door een praatje te maken. Wijs niet meteen naar de overheid, maar doe het met elkaar.”
Wijnand Kooijmans
Dat is de boodschap die Henk Wessel wil afgeven nu hij na 27 jaar wethouder af is in de gemeente Elburg. Tijdens de raadsvergadering werd afscheid genomen van hem en Lennart Oosterloo beëdigend als zijn opvolger. Die was tot dat moment raadslid voor Algemeen Belang, een taak die de vertrokken wethouder donderdagavond overnam van zijn opvolger.
Henk Wessel was nog maar anderhalf jaar raadslid toen hij op een avond werd gebeld door toenmalig wethouder Henk van Deutekom. Die gaf aan dat tijdens het overleg over een nieuwe coalitie naar voren was gekomen dat Wessel maar wethouder moest worden. “Denk er maar over na, ik bel je morgenvroeg om negen uur voor het antwoord”, zo was de boodschap.
“Op dat moment heb je een jong gezin, nooit over nagedacht om wethouder te worden. Mijn vrouw en ik hebben die avond de hond uitgelaten tot het dier niet meer kon. Ik was op dat moment hoofd facilitaire dienst van wat nu de Inclusief Groep is en daarvoor onder meer uitvoerder geweest bij de Gresbo. Ik had het best naar mijn zin op het werk. Maar je bent jong en vindt het ook wel spannend. Ik heb gezegd, ik doe het en toen is het snel gegaan.”
“Ik heb wel gevraagd mij een portefeuille te geven die een beetje paste bij mijn belevingswereld van toen. Dat werd de openbare ruimte. Ik heb daarnaast vrijwel alle portefeuilles onder mijn hoede gehad buiten het sociaal domein. Reden was dat ik nog adviseur was van de Gresbo en het ongewenst is dat je dan ook op dat punt bestuurder bent.”
Henk Wessel is blij wethouder te zijn geweest in de meest mooie gemeente die hij zich maar kon wensen. Een gemeente die alles heeft wat van belang is. “Je moet wat met mensen hebben wanneer je wethouder wilt zijn. Gemiddeld haken wethouders nu al na drie jaar af, dat vind ik een zorgelijke ontwikkeling. Indien je wethouder wordt met het idee ‘ik ga het nu wel eens allemaal regelen’, dan maak je een verkeerde inschatting. Je bent dienstbaar aan de inwoner. Gesprekken die je voert met bijvoorbeeld een gedeputeerde van de provincie dan met een inwoner. Daar moet je gevoel voor hebben.”
Dat wethouders afhaken komt, zo geeft Wessel aan, doordat ze vooraf niet goed hebben nagedacht wat het wethouderschap inhoudt. Als tweede reden ziet hij de sociale media. “Dat je gezin onderdeel wordt van je politieke leven, dat vind ik een lastige. Iedereen kan hierop anoniem zijn mening en bevindingen over je als wethouder gooien.”
Als derde oorzaak noemt Henk Wessel de versplintering. De besluiteloosheid die in Den Haag heerst. Maar ook de afnemende invloed die gemeenten hebben door beleid uit Europa, Den Haag en de provincie. “Wij zien de eerste overheid voor de burger. Ik sta bij dode schapen te kijken. Ik sprak een wethouder die dacht met woningbouw aan de gang te kunnen, maar na drie jaar tot het besef kwam alleen maar over stikstof te hebben gesproken. Daardoor slaat de moedeloosheid toe.”
Het is voor een wethouder belangrijk een agenda te hebben, zo geeft de vertrokken wethouder aan. “Ik zit hier om dingen voor elkaar te krijgen. Het moet geen grote agenda zijn, je moet wel reëel zijn als het gaat om wat je tot stand kunt brengen. En daarin ook vasthoudend zijn. Ik ontmoet veel mensen en kom bij veel mensen over de vloer. Zoals ook mensen bij ons thuis aankloppen en daar staan we zeven dagen in de week voor open. Ook als het gaat om zaken die niet tot mijn portefeuille horen. Je kijkt dan of je problemen kunt oplossen.”
Daarbij moet je leren dat het ook om kleine dingen gaat. Het zijn niet altijd nieuwe winkelcentra als in ’t Harde die je opent. Het kan ook een speeltuintje zijn dat wel van enorm belang is voor de wijk waarin het ligt. Ook zo’n speeltuin heeft een grote impact op mensen.”
Dat hij nu stopt, terwijl hij nog geen dag met tegenzin naar het werk gaat, is dat hij met het vorderen van de jaren soms ervaart dat het wel iets minder gaat en vooral avondvergaderingen soms opbreken. “Het is bovendien een andere tijd wat vraagt om nieuwe mensen en nieuwe ideeën. Het is bij Algemeen Belang de gewoonte dat de lijsttrekker ook wethouder wordt. We hebben met Lennaert een opvolger met veel kennis en kunde. Ik wil hem de kans geven. Als raadslid hoop ik nog mensen te kunnen ondersteunen. Ik zou na deze periode nog best door willen als raadslid, maar dat is aan de partij.”
Als wethouder mocht Wessel werken aan de realisering van woonzorgcentrum Thornspic in Doornspijk, het winkelcentrum in ’t Harde en de uitbreiding van de haven. “Dat laatste maakte dat je avond in, avond uit in gesprek was met omwonenden. We hebben een wijk in Oostendorp mogen renoveren. Met wel de wens van de bewoners dat ze een ontmoetingsruimte wilden waarin ze elkaar konden ontmoeten.”
“Ik besef dat vooruit kijken naar 2040 ook nodig is. Maar het is niet iets waar ik warm voor loop. Laat mij maar de problemen van nu oplossen. Daaraan beleef ik plezier. Zoals ik de bezoeken ga missen aan mensen die zestig jaar zijn getrouwd of honderd worden.” Zoals hij zich ergert aan de steeds maar toenemende regelgeving.
Voor Wessel is de gemeente de eerste overheid. Wij staan het dichtst bij de mensen. Niet Europa, Den Haag of de provincie. De gemeenten zouden meer verantwoordelijkheden moeten krijgen. Wij maken dagelijks mee wat er leeft onder de mensen, welke zorg ze nodig hebben. Daarvan heeft men in Den Haag of Europa geen weet.”
Als voorbeeld noemt hij het plan van de provincie Gelderland een vijfhonderd meter zone in te stellen rond Natura 2000 gebieden. ‘Dan gooi je ‘t Harde vrijwel volledig op slot. We kunnen er zo woningen gaan bouwen, maar dat mag dan niet meer. Zoals ook vergunningen voor evenementen in de knel kunnen komen. Dat gaat ten koste van de leefbaarheid in ‘t Harde als dat niet veranderd.”
Het probleem van de wolf leeft bij Henk Wessel. “Het gaat vaak maar om één of twee wolven met gestoord gedrag die schapen aanvullen. Ik vind dat de burgemeester dan, na advies van experts, de mogelijkheid moet hebben in te grijpen. Veranderende wetgeving in Europa en dan nog de vertaling in Nederland zelf, duurt nog jaren. Geef de burgemeester de mogelijkheid in te grijpen.”











