
Opvang asielzoekers Oldebroek heeft gevolgen voor taakstelling omliggende gemeenten
3 juni 2024 om 16:25 MaatschappelijkIndien er driehonderd plekken komen voor de opvang van asielzoekers in Oldebroek worden deze ook ingezet om aan de taakstelling van de gemeenten Elburg en Hattem te voldoen. Dat geeft burgemeester Jeroen Joon van Harderwijk aan. Hij is voorzitter van het overleg van de sub regio waarbinnen de problemen rond de opvang van asielzoekers worden besproken.
Wijnand Kooijmans
Met de achthonderd plaatsen in Harderwijk, de honderd alleenreizende minderjarige asielzoekers (amv’ers) in Nunspeet wordt dan voldaan aan de opvang van 1.108 asielzoekers die op grond van de spreidingswet nu binnen de regio moeten worden opgevangen. Hij geeft aan dat deze wet nog niet van tafel is en om die reden, naast de humane, ook wordt doorgegaan met de zoektocht naar locaties. Daarnaast verwacht hij een extra instroom van asielzoekers die kan oplopen tot dertig procent boven het huidige aantal. Voorkomen moet, zo vindt hij, dat er mensen in een park of onder de brug moeten slapen.
Joon stipte tijdens een raadscommissie in Harderwijk, ook aan dat er binnen de regio een groeiend probleem is de wettelijke vereiste aantallen statushouders te huisvesten. Dat heeft alles te maken met het feit dat het woningaanbod in vrijwel alle zeven gemeenten gelijk is. Tot nu toe was er vooral sprake van gezinnen die gehuisvest moesten worden.
Nu wordt men geconfronteerd met veelal alleenstaanden. Die huisvesten in eengezinswoning wordt niet als aantrekkelijk gezien. Dat betekent dat voor een oplossing moet worden gekeken naar woningsplitsing of de bouw van flexwoningen. Dat moet dan op een dusdanig grote locatie dat hier ook andere groepen, die voorrang moeten krijgen op de woningmarkt, hier kunnen worden gehuisvest.
Met de woningcorporaties op de gehele Noord-Veluwe vinden gesprekken plaats hoe toch aan de wettelijke taakstelling kan worden voldaan. Een gemakkelijke opgave is het, zo geeft Joon aan, zeker niet. Voor 1 juli moeten de gemeenten bij de Gelders commissaris van de koning Henri Lenferink aangeven hoe zij de regionale doelstelling denken in te vullen.













