Gewone 'Oldebroeker kleederdragt' (eerste helft 19e eeuw). Foto: NoVA
Gewone 'Oldebroeker kleederdragt' (eerste helft 19e eeuw). Foto: NoVA NoVA

Spiegeltje, spiegeltje aan de wand, hoe zagen mijn voorouders eruit in dit land?

15 juli 2026 om 16:16 Historie

Mariëlle Bos van het Noord-Veluws Archief (NoVA) bespreekt in deze rubriek maandelijks een wisselend onderwerp uit de gemeenten Nunspeet, Elburg of Oldebroek.

Menig stamboomonderzoeker kent de frustratie: hoe zagen mijn voorouders eruit? In het tijdperk van voor de fotografie is dat vaak niet te achterhalen. Enkel afstammelingen uit gegoede families hebben portretten van hun voorouders. Dan is het ook nog eens de vraag of deze wel écht waarheidsgetrouw zijn – ijdelheid was men vroeger ook niet vreemd.
Gelukkig zijn er toch enkele bronnen die ons vertellen hoe onze voorvaderen eruitzagen. Het gaat daarbij in het algemeen alleen over mannen. Dit had te maken met onder andere de dienstplicht en registratie. Dat was voor vrouwen in die tijd niet weggelegd.

Registre Civique

In 1795 kwam Nederland onder Frans bewind te staan, als gevolg van de Bataafse Revolutie. Door de Fransen werd gewerkt aan centralisatie van Nederland, en daar hoorde ook de bevolkingsregistratie bij. Vanaf 1811 werd de burgerlijke stand ingevoerd, maar ook de zogenaamde ‘Registre Civique’. In dit register werden stemgerechtigden opgenomen.

Leeftijd

In die tijd gold stemrecht enkel voor mannen boven 21 jaar. Overigens moest je als stemgerechtigde eveneens voldoende eigendom of inkomen hebben om in aanmerking te komen. Je mocht niet afhankelijk zijn van liefdadigheid. Niet elke man van 21 jaar of ouder zal daarom terug te vinden zijn in het register.
In Oldebroek werden in het register niet alleen de gegevens van de stemgerechtigden opgenomen, maar werd ook het signalement vermeld. Er zijn toentertijd 150 formulieren opgemaakt, waarvan er 103 bewaard zijn gebleven.

Signalementen

De oudste man die in het register voorkomt is Hendrik Jansen. Hij was rentenier. In 1811 had hij grijs haar én grijze wenkbrauwen. Ook had hij blauwe ogen. Zijn neus zal een beetje opgevallen zijn: een longet point. Lang en puntig. Of Hendrik Jansen dit als een compliment beschouwde, zullen we nooit weten, maar hij ondertekende het document in elk geval.

Enkele mannen van wie het signalement werd opgenomen, konden niet schrijven. Dat zien we onder andere terug bij de 57-jarige Roelof Derksen. Zijn haar was bruin, evenals zijn wenkbrauwen. Hij had blauwe ogen en een puntige neus. Zijn gezicht werd omschreven als ‘plain’, oftewel: vlak. Hij was een dagloner en woonde in Doornspijk. De akte van Roelof werd opgemaakt op 10 mei 1811 in Doornspijk. Dat hij niet kon schrijven blijkt uit het kruisje dat op de plaats van de handtekening is gezet.  


Andere bronnen

Hoewel het geen echte afbeeldingen zijn, krijgen we zo wel een indruk van het uiterlijk van onze voorouders. Helaas zijn niet in elke gemeente de signalementen bewaard gebleven.
Soms vinden we elders signalementen terug, bijvoorbeeld in de huwelijkse bijlagen. In de periode 1811 - 1932 was het verplicht om bij een huwelijk een aantal documenten aan te leveren, zo ook een bewijs van gedane dienstplicht. Tot 1861 was het signalement daar onderdeel van. Daarbij gaat het echter wederom enkel om mannen.

 Een signalement van iemand ingeschreven in het Registre Civique. Foto: NoVA
Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

advertentie
advertentie