Philip Reinders op de Engelse Begraafplaats in Bergen op Zoom.
Philip Reinders op de Engelse Begraafplaats in Bergen op Zoom.

Philip Reinders uit Elburg speurt naar namen van vermiste soldaten: ‘Soms is het een eenvoudige puzzel om te leggen’

24 juni 2025 om 06:00 Historie

Philip Reinders bezoekt in heel Nederland archieven én begraafplaatsen om een match te maken tussen vermiste soldaten uit de Tweede Wereldoorlog en opgegraven en aangespoelde lichamen. “Het begon voor mij jaren geleden met de Slag om Arnhem. Daar is aan de hand van mijn documentatie één soldaat geïdentificeerd”, aldus de inwoner van Elburg die oorspronkelijk uit Vlaardingen komt. Onlangs heeft hij weer een onbekende soldaat een naam kunnen geven en wel op de Engelse Begraafplaats in Bergen op Zoom.

Barry Wensink

“Als er herdenkingen zijn, dan gaat het meestal over mensen die gesneuveld en begraven zijn en waarvan de naam duidelijk is. Gelukkig is er de laatste jaren ook meer aandacht voor onbekende gesneuvelden. Ik ben daar een aantal jaren geleden ingedoken. Bewust met de Slag om Arnhem, omdat ik daar al wat van wist. Ik ben veel archieven afgegaan en dan kom je zaken tegen waar ik me in verdiep. Soms is het makkelijk, maar soms ook niet.”

Dat vraagt om meer uitleg. “De Engelsen en de Amerikanen werken allebei op een andere manier qua identificatie. Stel dat je in Amerika een zaak aandraagt met veel informatie. Dan sturen ze een team uit Hawaï om de persoon op te graven en DNA af te nemen. Dan zit je voor 99,99% goed, maar de Engelsen willen dat niet. Zij willen een oorlogsgraf niet openmaken. Je mag informatie opsturen en dan kijken ze bijvoorbeeld naar oude tandartskaarten. Maar ja, mensen kunnen later een tand missen of door een beunhaas wat hebben laten doen. Dan werkt dat dus niet. Ik heb me daar bij neergelegd.”

En verder: “Er zijn gewoon zaken waarvan ik zeker weet dat als ze DNA afnemen, er een match is. Dat doen ze dus niet als mensen (lang geleden) begraven zijn, maar overigens wel als er nu nog menselijke resten worden gevonden.”

De meest recente zaak komt voorbij en dat gaat over, wat door onderzoek van Philip Reinders bleek, ‘flying officer’ Philip Anthony Cox. Hij kwam om het leven toen hij 25 jaar was. “Ik heb contact gehad met de Engelsen. Aardige mensen, maar je loopt tegen bureaucratie aan.” Wat betreft Cox was er nog slechts een achternicht en die zou naar Nederland komen, maar dat ging uiteindelijk niet door. “Het is vaak al enkele generaties verder en dan is er lang niet altijd belangstelling voor iemand die ze niet kennen.”

Philip Reinders legt uit hoe deze zaak begonnen is en wat er allemaal gebeurde voordat er een naam op het graf kwam te staan. “Eigenlijk had zijn naam in 1945 al duidelijk moeten zijn. Toen is hij aangespoeld in Burgh-Haamstede en destijds hebben de Duitsers van een deel van een document een naam gefabriceerd, te weten Cox Pad. Heel raar natuurlijk, maar de papieren en/of het identiteitsplaatje was aangetast doordat hij een tijdje in het water had gelegen. Dat kan ik me nog voorstellen. Die Engelsen hadden dat toen moeten zien. Cox is een achternaam en Pad niet. Er waren er toen twee vermist met deze achternaam en het kon alleen deze persoon maar zijn. Ik heb in het Zeeuws archief gekeken en foto’s van documenten gemaakt om het thuis te bekijken. Zijn legernummer was 3384 en de eerste twee cijfers wisten ze. Deze puzzel hadden ze op moeten lossen. Een makkelijke zaak dus en zo zijn er meer graven.”

Reinders schreef zijn bevindingen in een rapport en voegde archiefstukken toe. Dat stuurde hij in 2019 (!) naar Engeland met het verzoek de zaak te behandelen. “Cox is destijds neergestort voor de Engelse kust en met de stroming meegevoerd naar Nederland waar hij aanspoelde.” In augustus 2024 kreeg de Elburger te horen dat de zaak rond was, maar hij moest het geheim houden. Er was tijd nodig om naar familie te zoeken en de grafsteen aan te passen. Begin juni heeft de tot dan onbekende soldaat een naam gekregen en sindsdien staat er een grafsteen met de juiste naam op de Engelse Begraafplaats in Bergen op Zoom.  ”Er was een aalmoezenier uit Engeland aanwezig die een verhaaltje vertelde en mijn naam noemde als ontdekker. Vervolgens klonk The Last Post. Ik had een bloemstuk laten maken in Elburg, omdat ik dat netjes vond. Het is nu officieel geworden en dat geeft een goed gevoel. Ze zijn destijds gesneuveld voor onze vrijheid.”

Reinders heeft meerdere zaken gehad waarvan hij zeker wist dat het klopte. “Compleet met onderbouwde documenten wordt er soms toch niets mee gedaan. Pak wat DNA en je bent klaar. Zit ik er dan toch naast, dan is dat duidelijk. Nu zijn er twijfelgevallen op basis van een oude tandartskaart die simpelweg niet klopt.”

Reinders is ook bezig met een zaak van een Canadees die in Rotterdam begraven is. “Ze hebben tientallen zaken liggen en deze is nummer 29. Je moet veel geduld hebben en dat is soms frustrerend. Er wordt in sommige landen geen geld voor vrijgemaakt en geen energie ingestoken. Soms overweeg ik om te stoppen, maar de zaak van Cox is gelukt. Dat geeft weer energie. Ik heb zaken uitstaan en ga er gewoon meer door. Het zou mooi zijn als ik nog nieuwe zaken kan aandragen.”

Mail de redactie
Meld een correctie

Uit de krant

advertentie
advertentie