Hemmy Stouwdam en staande is Gerrit Companjen. Foto: Cor Sellis
Hemmy Stouwdam en staande is Gerrit Companjen. Foto: Cor Sellis

Herinneringen aan grote brand in ‘t Harde in 1970: ‘Omgeving leek op oorlogsgebied’

12 juni 2025 om 06:00 Historie

Meer dan duizend brandweerlieden, geholpen door vele militairen en vrijwilligers bestreden de grote bosbrand. De brand legde twee villa’s aan de Eperweg in de as en verwoeste vier woningen. Er ontstond grote paniek. De vuurzee zou het hele dorp ’t Harde toch niet vernietigen? Centurion-tanks legden brandgangen aan om zo de brand te stoppen. Uiteindelijk werd de brand gestopt waarna de brandweer nog een week bezig was met nablussen. Deze gebeurtenis op 18 juni 1970 staat menig oudere in het verspreidingsgebied van deze krant nog vers in het geheugen.

Cor Sellis

De brand van 55 jaar geleden ontstond tijdens een schietoefening op het Artillerie Schietkamp (ASK) in ’t Harde. Twee brandweerlieden, Hemmy Stouwdam en Gerrit Companjen, herinneren het zich nog als de dag van gisteren. Beide brandweerlieden omschrijven hun eerste ervaringen bij de grote brand en vertellen het verhaal zoals zij dat hebben meegemaakt op die bewuste dag. 

“Rond een uur of half tien zagen wij al donkere wolken boven ’t Harde. Uiteindelijk zijn wij met ons vieren, samen met Jaap van Dam en Jan Schuld, om half een ‘s middags op eigen initiatief met de brandweerauto vertrokken. Toen wij bij het kazerneterrein aankwamen waren wij met onze brandweerauto als eerste ter plekke, maar de poorten waren nog gesloten. Wij besloten om het rampgebied via de rondweg om de kazerne te benaderen. Die rondweg loopt naast de spoorbaan, maar toen we daar aankwamen ging het vuur al als een razende over de spoorbaan. Wij zijn daarna over de snelweg gereden, maar ook daar ging de vuurzee moeiteloos overheen. Pas op de Bovendwarsweg ter hoogte van de Laanzichtsweg konden wij bij het vuur komen. De vlammen sloegen over de brandweerauto heen.”
Hemmy vult aan: “Op zo’n moment voel je je een kleine jongen, hoor. Ik bestuurde de brandweerauto en besloot achteruit te rijden. Een auto, een Alfa Romeo, was ons gevolgd en die had ik niet gezien. Bij het achteruitrijden heb ik die auto total loss gereden. De motorkap zat tot het dak van de auto. Later heeft die bestuurder nog een bekeuring gekregen ook, omdat hij de hulpdiensten had belemmerd. Een eindje verder hebben wij de brand pas kunnen bestrijden en konden wij het huis van de familie Pot voor de vlammenzee behoeden.”

Inmiddels werden alle omringende brandweerkazernes opgeroepen om te komen helpen. Kosten wat het kost mocht de brand de Bovendwarsweg niet over. In hotel De Vale Ouwe werd de commandopost opgezet, die de hele operatie vanuit die positie coördineerde. Defensie maakte ondertussen met bulldozers brandgangen in het bos. Volgens beide oud brandweerlieden gingen daarbij jammer genoeg veel loofbomen om. “Die kun je beter laten staan. De naaldbomen leveren namelijk het grote brandgevaar. Zij zorgen ervoor dat het vuur overslaat naar de andere bomen Wanneer hars, wat in naaldbomen zit, gaat branden komt er gas vrij. Een dergelijke gaswolk wakkert het vuur alleen maar aan en verplaatst zich dan razendsnel naar andere bomen. Dat heb je niet bij loofbomen. Naaldbomen werken als katalysator voor het vuur. Daarom pleiten wij ook voor het weghalen van een strook naaldbomen, zodat vuur niet makkelijk kan overslaan.”     

De brand kon zo snel om zich heen grijpen na een lange periode warm weer en geen neerslag. Het bos was erg droog en door de droge humuslaag van zo’n 30 centimeter en de aanhoudende zuidenwind breidde het vuur zich steeds opnieuw uit. Daarnaast verliep de communicatie vrij moeizaam. De brandweerauto’s van toen hadden namelijk nog geen communicatiemiddelen aan boord, zelfs geen portofoons. En mobiele telefoons waren er nog niet. Daarom verliep de communicatie via een Jeep van het leger.

De eerste prioriteit van de brandweerlieden was ‘t Harde redden van de oprukkende brand. Samen met de bewoners spoten zij de huizen en tuinen nat met brand- en tuinslangen zodat er uiteindelijk geen druk meer op de brandkranen stond. Hemmy stuurde de brandweerwagens naar het lokale zwembad om daar de tanks van de brandweerwagens te vullen. “Het zwembad had water zat. In twee minuten konden wij daar een tank van 1500 liter vullen. Ja, wij moesten die dag nu eenmaal improviseren. Inmiddels werden wij door brandweerauto’s uit de wijde omgeving ondersteund. Door de grote hitte van de brand ontstond er een vacuüm waardoor er een wind uit de andere richting kwam. Door de vele brandweerauto’s en de draaiende wind kon uiteindelijk de vuurzee onder controle worden gehouden en werd ‘t Harde behouden. Na de brand leek de omgeving op een oorlogsgebied. Achteraf gezien beseften we niet wat voor verantwoording wij toen namen. Het was voor ons ook de eerste keer dat we in zo’n vuurzee kwamen. Dat hadden we wel geleerd op cursus, maar nu overkwam het ons. En dan is het wel iets anders.”

De bosbrand op 18 juni 1970 staat te boek als de inferno van ‘t Harde. Op het nippertje werd het dorp gespaard en de vuurramp was destijds de grootste ooit in Nederland.

 Krantenknipsels van toen.